logo largeHet Muziekkorps der Schutterij

Op 2 februari 1815 werd de dienstdoende schutterij, opgericht door Willem I, in verschillende steden ingesteld - ook in Middelburg - met daarbij een muziekkorps. Vermoedelijk is het korps ouder. Uit archieven is gebleken, dat ten tijde van de Franse overheersing de Schuttersgilden werden opgeheven en een zogenaamde 'cohorte urbaine' in het leven werd geroepen; een stedelijke gevechtseenheid. De cohorte urbaine had een muziekkorps waarvan de kapelmeester, leden en instrumenten overging naar het Muziekkorps der Schutterij. De kapelmeester van de cohorte urbaine, J. Fastré, was de eerste kapelmeester die in actie kwam op 14 juni 1815. Op die dag werden de officieren beëedigd voordat zij met de Schutterij naar Belgie vertrokken. Veertien dagen later werd de slag bij Waterloo geleverd.

Gedurende de jaren 1856 tot 1862 schijnt het korps een crisis doorgemaakt te hebben, waarschijnlijk door het klein aantal van ca. 20 leden. Op 30 september 1857 werd het korps daarom opgeheven om spoedig, in het daarop volgende voorjaar, te herrijzen. Voor 1857 ontvingen de muzikanten slechts een geringe toelage; na dat jaar zijn de vaste salarissen ingevoerd. De muzikanten werden in 3 klassen verdeeld, maar de uitgaven werden zo groot, dat de commissie het loon niet meer kon betalen. Toen kwam, letterlijk en figuurlijk, de Schutterij in het geweer en besloot de Schuttersraad een jaarlijkse subsidie toe te kennen. Aangenomen mag worden dat deze bijdrage werd uitgekeerd tot 1907 toen de dienstdoende schutterij werd opgeheven, waarmee een einde kwam aan de vorm, waarin het korps in 1815 was opgericht.

 Het Muziekkorps der Schutterij 1898

Het Muziekkorps der Schutterij 1898, Schuttershoftuin. Ingekleurd en bewerkt volgens de toen geldende dresscode. Het uniform van het korps is in de loop der jaren verschillende keren aangepast maar het was altijd blauw van kleur. Ten tijde van de foto was het uniformjasje afgezet met witte epauletten en de broek met biezen. Het uniform had een klein opstaand kraagje. Als hoofddeksel droeg men een pet, naar Frans model met het rijkskwapen. De bovenkant was rood gekleurd. De kapelmeester droeg een uniform met een brede rode kraag en rode manchetten.

Tot een der bekendste kapelmeesters behoorde Jan Morks benoemd in 1891. Het is tijdens zijn bewind geweest, dat op 2 augustes 1907 de Dienstdoende Schutterij werd opgeheven. De burgerij voelde er niets voor zijn populaire korps zomaar te zien verdwijnen en belegde een vergadering op 28 mei 1907 waarin de 'Vereniging tot instandhouding van het Middelburgs Muziekkorps' werd opgericht.

Zoals bij vele verenigingen ging het financieel niet voor de wind. In november 1919 wilde het bestuur daarom aftreden. Ook Jan Morks kondigde aan te vertrekken als er geen salarisverhoging kwam. Uiteindelijk bleef Morks toch, maar of hij een hoger salaris kreeg is niet bekend. Het eigenaardige van dit korps is wel, dat de muzikanten nog moesten worden betaald ( 50 cent voor een repetitie en 75 cent voor een concert), een uitvloeisel uit vroegere dagen.

Het korps telde in die tijd 40 leden. De heer Morks bleef natuurlijk directeur. Hij heeft deze functie bekleed tot 1925, toen zijn ogen die reeds lang slecht waren, hem noodzaakten in het najaar ontslag aan te vragen. Gedurende 34 jaar heeft hij het korps gedirigeerd; onder zijn leiding heeft het korps een klinkende naam gekregen. Tot in het buitenland werden er concerten gegeven. De heer Johan Caro toenmalige dirigent van de concertzaal in de Singelstraat, directeur van de 'vereeniging voor instrumentale muziek', opgericht in 1888, en die geuniformeerd door de stad marcheerde, had Morks als dirigent en componist. Dhr. J. Caro werd de opvolger van Jan Morks, eerst tijdelijk, en in 1927 definitief aangesteld.

Verdwenen zijn de concerten in de Buitentuin, de Schuttershoftuin en de Markt- en Abijconcerten. Welke oud-Middelburger denkt niet met weemoed aan de optredens in de muziektent op de Groote Markt of de muziektent op het Molenwater. De burgerij wist dan ook op waardige wijze zijn dankbaarheid te tonen door het plaatsen van een monument ter nagedachtenis van Jan Mork, op het Molenwater in 1929.

 

Bronnen, noten en/of referenties:
gebruikte bronnen:
- 5 april 1958 Provinciale Zeeuwse Courant pagina 2
- 8 januari 1970 De Faam pagina 3
Bijgewerkt en aangevuld door Oud Middelburg

 

Brongegevens

Info met behulp van de Gids door Walcheren, gedrukt bij C.H.J. van Benthem Jutting te Middelburg. De Gids door Walcheren en Gids voor Middelburg, gedrukt bij J.C & W. Altorffer te Middelburg. Voorts is er gebruik gemaakt van "De monumenten van Middelburg" van W.S. Unger. Ontbrekende gegevens zijn verkregen uit websites en overige publicaties. Voor de juiste adressen hebben we gebruik gemaakt van het "Stratenregister Middelburg", een naslagsysteem betreffende de wijk-, straatnaam- en huisnummerwijzigingen in Middelburg samengesteld door het Gemeentearchief Middelburg in 1989.

Brongegevens foto's

Gebruik van foto's uit de Beeldbank van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed | Historisch-topografische atlas 'Zelandia Illustrata' van het Koninklijk Zeeuwsch Genootschap der Wetenschappen (KZGW) Beeldbank Zeeland | Archieven.nl | TU Delft Beeldbank | Rijksmuseum | Collectie glasnegatieven in beheer van Oud Middelburg. Veel foto's zijn aangepast en ingekleurd met de hand door Oud Middelburg. Het garandeert geenszins dat de ingekleurde afbeelding een nauwkeurige weergave is van de daadwerkelijke momentopname.

Auteursrecht

Op sommige op de site aanwezige creaties (vormgeving, beeldmateriaal en teksten) rust intellectueel eigendomsrecht. Wilt u gebruik maken van de publicaties zoals deze op de website worden getoond, met name het beeldmateriaal met brongegevens van de rechthebbenden, kopieer/link dan het webadres van de desbetreffende pagina. Gelieve de afbeeldingen en/of tekst niet geheel of gedeeltelijk te kopiëren, te reproduceren, te plakken of te fotokopiëren, screenshots te maken of te knippen. Hiermee schendt u ons en andermans rechten.